ONCOFONIE

 

DE STENTOR, WOENSDAG 22 AUGUSTUS 2012

Meer over Brassa, Zingen voor je leven en Oncofonie: klik hier......

KONINKLIJK THEATER CARRÉ


400 koorleden treden op tijdens benefietconcert ‘Oncofonie, symfonie voor je leven’


‘Ik verwacht tranen en mooie muziek’

Twintig koorleden van “Zingen voor je leven” koor BRASSA uit Deventer treden 16 september op in Carré. Ineke Schömaker is een van de zangeressen.

Door Bas Bouwhuis

Sinds de laatste operatie is Ineke Schömaker meer aan het zingen dan normaal. “Tijdens het uitlaten van de hond zing ik nu liedjes”, begint ze. “Daaraan merk ik wel dat 16 september dichterbij komt”.

Met die datum bedoelt Schömaker het benefietconcert Oncofonie, symfonie voor het leven.  Bijna 400 leden staan dan in Koninklijk Theater Carré in Amsterdam.  Die koorleden zijn (ex-)kankerpatiënten, hun familieleden en betrokkenen uit het werkveld die zingen in een van de “Zingen voor je leven”koren, een landelijk korennetwerk voor mensen die met kanker te maken hebben.

Onder hen twintig leden van het Deventer koor BRASSA. Schömaker zit er enkele maanden bij. “Het koor zelf startte in november 2011”, vertelt Schömaker, die in het dagelijks leven medewerker is van Bureau Halt. “Ik was in het Kenniscentrum Oncologie in Schalkhaar voor mijn revalidatieprogramma Herstel & Balans toen mij gevraagd werd mee te doen.” Schömaker volgde dit revalidatieprogramma in het kader van haar herstel van lymfklierkanker. Deze ziekte werd begin 2011 geconstateerd waarna een periode met chemokuren volgde. “Bij Herstel & Balans werk je om een terugkeer naar een leven na kanker te vereenvoudigen,”legt ze uit. “het is een groepsprogramma en samen zingen is een leuke positieve manier om met gevoelens om te gaan.”

“Ik zong altijd al in een ander koor dus zingen was voor mij niet helemaal nieuw meer,”gaat ze verder. “Maar voor anderen in ons koor wel. Zij zijn nooit bewust met zingen bezig geweest maar zien er een mooie uitlaatklep in.”Een verschil aangeven tussen BRASSA en een ‘regulier’ koor vindt ze moeilijk. “Dat zijn kleine verschillen”, dubt ze. “Het oefenschema bij BRASSA is minder strak, maar dat komt ook omdat de insteek anders is. Mensen willen lekker zingen.”

Het koor bestaat uit ongeveer twintig ex-patiënten en medewerkers van het Kenniscentrum. Daar zit geen man tussen. “Maar ook in mijn Herstel &  Balans groep zitten geen mannen”, verklaart Schömaker. “Misschien pakken die de draad na kanker meer op hun eigen manier op. Dat is voor ons koor jammer, kaar bij de 400 mensen die in Carré optreden zitten ze wel hoor.”

Toen Schömaker zich aansloot was er van een deelname aan het groots opgezette benefietconcert in Amsterdam nog geen sprake. Zelf had Schömaker er via vriendin Eveline Roskott, die het idee van de Oncofonie bedacht, al wel van gehoord. “wij hoorden pas later dat we mee zouden doen. Toen wist ik natuurlijk al wat voor mooi initiatief het was.”

Het podium blijft de avond in Carré voorbehouden aan deelnemende artiesten als Liesbeth List, Hans Dagelet en het orkest. De koorleden krijgen een plek langs de rand van de zaal. “Maar dat doet er voor mij niets aan af”, glundert Schömaker. “Optreden in zo’n prachtig theater, dat ook nog belangeloos meedoet voor het goede doel, dat is toch prachtig?”

De repetities voor het concert zijn inmiddels in volle gang. Regelmatig rijdt ze naar Hilversum om met leden van de andere koren de liedjes voor het concert onder de knie te krijgen. “Daar zitten pittige nummers bij”, vertelt Schömaker. “Maar vooral de sfeer tijdens die oefensessies is mooi. Er heerst een soort lotsverbondenheid”, gaat ze verder. “Je hebt allemaal een verleden met kanker en bent bij elkaar maar je hebt het niet over de ziekte.”

Tijdens de generale repetitie enkele uren voor het optreden zal blijken hoe de ingestudeerde nummers met vierhonderd koorleden klinken, maar speciaal wordt het sowieso volgens Schömaker. “Tijdens een van de nummers bellen we een dierbare die de zang te horen krijgt. Dat is erg speciaal. Het wordt een bijzondere en speciale avond, ik verwacht tranen en mooie muziek. De dag daarna heb ik maar vrij genomen.”